Thema

Seksuele groei

Een gezonde ontwikkeling

De seksuele ontwikkeling van mensen begint al vanaf de geboorte. Kinderen groeien niet alleen in de lengte, maar ook seksueel gezien groeien ze.

Seksuele ontwikkeling gaat over meer dan alleen seks. Het gaat ook over liefde en vriendschap. Het gaat over het ontdekken van de verschillen tussen mannen en vrouwen, het ontdekken van je eigen lichaam en wat je wel of niet wilt. Het gaat ook over het aangeven van je grenzen en gelukkig zijn met je eigen lichaam.

Verschillende fases

Iedere leeftijdsfase van kinderen en jongeren staat voor zijn eigen ontdekkingen. Je zou kunnen zeggen dat kinderen onder de 12 jaar bezig zijn met het ontdekken van het eigen lichaam, van gevoelens en wat ze wel en niet willen. Ze sluiten vriendschappen en ervaren hun eerste verliefdheid. Kinderen boven de 12 gaan hun eerste keuzes maken op het gebied van seksualiteit. Zij komen er bijvoorbeeld achter of zij op jongens of op meisjes (of op beide) vallen en ervaren hun eerste echte kus. Lees hieronder de uitleg per leeftijdsfase.

Tussen 0 en 3 jaar

Het eigen lichaam ontdekken en nieuwsgierigheid door te kijken en te voelen (bijvoorbeeld tussen benen). Het is heel normaal dat kinderen aan hun geslachtsdelen zitten, dit vinden veel kinderen fijn. Ze doen dit niet om klaar te komen en heet daarom geen masturbatie. Tot hun 7de jaar hebben kinderen geen seksueel idee bij hun penis of vagina. Als een kind bijvoorbeeld kijkt naar hoe een ander kind plast, is dat tot 7 jaar pure nieuwsgierigheid. Dit hoort bij ontdekken door te kijken.

Ook wordt in deze leeftijdsfase wordt het verschil tussen jongens en meisjes duidelijk, vooral gebaseerd op het uiterlijk en wat hij of zij doet. Voorbeeld: een jongen doet stoer of heeft kort haar, een meisje heeft lang haar en speelt met poppen.

Het is heel belangrijk om baby’s liefde te geven en te knuffelen, zodat ze veiligheid en vertrouwen ervaren en zo een goede seksuele ontwikkeling kunnen doorlopen. Dit draagt bij aan een goed gevoel van hun eigen lichaam en dat van anderen. Liefde geven en knuffelen helpt bij een positieve hechting.

Van 4 tot 9 jaar

Van 4 tot 6 jaar staat de seksuele ontwikkeling in het teken van regels leren: wat mag wel en wat niet. Dit is de ‘vieze woorden’ periode: tegenover volwassen benoemen kinderen vieze woorden om een reactie uit te lokken, en tegenover kinderen gebruiken ze vieze woorden als scheldwoorden. Kinderen spelen doktertje met elkaar, waardoor zij ontdekken wat ze leuk vinden en wat niet. Hier zijn wel grenzen aan. Voorwerpen in elkaar stoppen past niet op deze leeftijd. Ook zijn kinderen erg nieuwsgierig naar hoe kindjes worden gemaakt.

Kinderen tussen de 7 en 9 jaar ontwikkelen schaamtegevoelens. Liepen meisjes bijvoorbeeld eerst nog alleen in een zwembroekje op het strand, dan bestaat nu de kans dat zij ook een bovenstukje of een badpak aan willen. Of vonden kinderen het prima om zich te verkleden waar andere mensen bij waren, kunnen ze dat nu liever afgezonderd doen. Ook durven ze minder vragen te stellen. Ze fantaseren over verliefdheid en ze kunnen voor het eerst verliefd worden op iemand uit de klas of een lieve juf of meester. Jongens en meisjes vinden samen spelen spannend en het komt voor dat geslachtsdelen getekend worden en in rijmpjes worden gebruikt.

De groepsnorm is hetero-gericht. Dat betekent dat wat ‘normaal’ wordt gevonden is dat meisjes op jongens vallen en jongens op meisjes. Homoseksualiteit (jongens die op jongens vallen en meisjes op meisjes) is in deze leeftijdsfase een belangrijk onderwerp van gesprek. Homoseksualiteit wordt in deze fase door de groepsnorm niet geaccepteerd. Grapjes over homoseksualiteit, daar moeten grenzen aan gesteld worden of moeten worden verboden, om ervoor te zorgen dat ze een andere norm meekrijgen. Het toelaten van grapjes of meelachen kan ervoor zorgen dat kinderen niet durven te vertellen dat ze homoseksueel zijn. Voor meer informatie over homoseksualiteit kijk bij pagina LINKJE INVOEGEN

Van 10 tot 12 jaar

Kinderen van 10 tot en met 12 jaar zijn bijna puber. Ze vinden vrienden steeds belangrijker en ze ontwikkelen hun seksuele voorkeur (val je op jongens, meisjes of beide?). Sommige hebben voor het eerst een vriendje of vriendinnetje, waarbij zoenen een rol kan gaan spelen. Dit is tevens het moment dat ze te maken krijgen met lichaamsveranderingen. Jongens krijgen schaamhaar, een lagere stem, ervaren hun eerste zaadlozing en kunnen baardgroei krijgen. Bij meisjes beginnen de borsten zich te ontwikkelen, krijgen schaamhaar, bredere heupen en kunnen voor het eerst ongesteldheid worden. Deze bijna-pubers worden onzeker over hun lichaam, wat gepaard kan gaan met extreme preutsheid (verlegen worden over seks). En zij kunnen gaan experimenteren met zelfbevrediging in een privé-omgeving zoals de slaapkamer.

Van 13 tot 19 jaar

Tussen de 13 en 15 jaar kun je spreken van echte pubers. Jongeren willen meer zelfstandig zijn en daardoor willen ze niet meer alles van hun ouders horen. Ze gaan zelf op zoek, regelmatig met vriendjes of vriendinnetjes, naar informatie over seks op internet in plaats van het aan de ouders te vragen. Ze krijgen seksuele interesse in leeftijdgenoten en veel jongeren tongzoenen voor het eerst.

Jongeren van 16 tot en met 18-jarigen oefenen met relaties. Zij maken de keuze om wel of geen seks te hebben. Een grote groep jongeren hebben voor het eerst seks, anderen wachten nog, tot ze getrouwd zijn bijvoorbeeld. Ze bespreken met elkaar wat ze wel en niet leuk vinden in relaties en vriendschappen. En ze hebben vaak duidelijkheid over hun seksuele voorkeur. De ondersteuning van ouders en vrienden is hierin belangrijk.

Pubers in deze leeftijdsfase ontwikkelen een eigen mening en gedachten over hoe ze seks en verliefdheid willen ervaren. De peergroep (groep leeftijdgenoten/ vrienden) van de puber is heel belangrijk bij het vormen van deze meningen en seksueel gedrag. Bijvoorbeeld: Als een vriendinnetje al seks heeft gehad, kan dit ervoor zorgen dat de jongere ook seks wil hebben om erover mee te kunnen praten, terwijl ze hier misschien nog helemaal niet aan toe is. Daarom is belangrijk om goed te monitoren of de peergroep wel goed bij de puber past en hier open met de jongere over in gesprek te gaan.

Bron| 2016. Rutgers Kenniscentrum Seksualiteit, Seksuele ontwikkeling van kinderen 0-18 jaar

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
  • Geen enkele vraag is 'gek'
  • Altijd in vertrouwen het gesprek aangaan
  • Deskundig advies van fijne hulpverleners
Sluiten